Art.nr. 301408

MB 2K

Multifunctionele bouwafdichting Combineert de eigenschappen van flexibele, scheuroverbruggende, minerale dichtingsslurries MDS en bitumendikke coatings PMBC

Varianten
3014 | MB 2K
Grootte / hoeveelheid

Productspecificaties

Bij levering

Basis polymeerbindmiddel, cement, additiven, speciale-vulstoffen
Brandklasse klasse E (DIN EN 13501-1)
Dichtheid verse mortel Ca. 1,0 kg/dm³
Consistentie pasteus
Scheuroverbrugging ≥ 3 mm (bij ≥ 3 mm droge laagdikte )
Laagdikte 1,1 mm natte laagdikte komt overeen met ca. 1 mm droge laagdikte
Schuifdruktest voldoet, ook zonder wapeningsweefsel
Dampdiffusieweerstand µ = 1755
Waterondoorlaatbaarheid getest tot 8 m waterkolom

De genoemde waarden staan voor typische producteigenschappen en moeten niet als bindende productspecificatie worden uitgelegd.

Toepassingsgebied

  • vloeren/wanden binnen en buiten
  • Snelle afdichting
  • Nieuwbouwafdichting
  • Horizontaalafdichting in en onder muren
  • Curatieve bouwafdichting van bestaande gebouwen conform WTA
  • Bouwwerken > 3 m beneden maaiveld
  • Goedgekeurd voor aansluiting op (WU) water ondoorlaatbare betonconstructies
  • Sokkel- en vloerwandaansluiting
  • Afdichting in combinatie (AiV) afdichting in verband
  • Hechtbrug op oude bitumen

Eigenschappen

  • Meer dan 3 mm geteste scheuroverbrugging! (volgens DIN EN 14591)
  • Snelle doordroging en vernetting na 18 uur bij 5 °C en 90 % relatieve vochtigheid
  • Voldoet aan de testvereisten voor PMBC
  • Getest Radondicht
  • Zeer lage emissie (GEV-EMICODE EC 1Plus)
  • Oplosmiddelvrij
  • Bitumenvrij
  • Waterdicht onder druk
  • Hoge hechttreksterkte
  • Zeer goede hechting, zelfs op niet-minerale ondergronden (bijv. plastic, metalen, enz.)
  • Extreem flexibel, elastisch en scheuroverbruggend
  • Snel beloopbaar en herbehandelbaar (≥ 4 uur)
  • UV-bestendig
  • Vorst- en dooizoutbestendig
  • Stuc- en overschilderbaar
  • Kan worden aangebracht als een slurry, met een borstel, een spatel of door te spuiten.
  • Werkvoorbereiding
    • Eisen aan de ondergrond

      De ondergrond moet vlak, draagkrachtig, droog, schoon, stofvrij en vrij van olie, vet en lossingsmiddelen zijn.

      Niet-minerale ondergronden opruwen

      Zuigende mineralen ondergronden, behalve zelfverdichtend beton (ZVB), mogen licht vochtig zijn.

    • Voorbereidingen

      Oneffenheden en mortelrestanten verwijderen.

      Hoeken en kanten afronden.

      Breng bij de kim voegenband van de Tape VF-serie in het materiaal aan en rond af <20mm.

      Alternatief: Kimnaad met een geschikte mortel aanbrengen.

      Oneffenheden > 5 mm met geschikte spachtel met MB 2K versneden met geschikt kwartszand (mengverhouding 1:1 tot 1:3) dichtzetten of vlak maken.

      Bij doorvoeren PVC buizen met schuurpapier opruwen, metalen buizen reinigen en eventueel schuren.

      Eventueel beschermen tegen vocht vanuit de ondergrond.

      Zuigende minerale ondergronden gronderen met Kiesol MB.

      Op zwak zuigende ondergronden ter voorkoming van blaasvorming een schraaplaag (ca. 500 gr MB 2K/m²) met het product aanbrengen.

  • Bereiding
    • mengtijd 3 min
    • Combiverpakking

      Meng het vloeibare bestanddeel ( component A) met een geschikt mengwerktuig.

      Voeg het losgemaakte poedervormige bestanddeel ( component B) volledig bij het vloeibare bestanddeel.

      Ca. 1 minuut mengen, mengperiode onderbreken en de ingemengde lucht laten ontsnappen.

      Aanklevend resterend poeder aan de binnenranden van de emmer afschrapen.

      Mengen verder zetten gedurende ca. 2 minuten

      Mengapparatuur tijdens het mengen steeds op bodemniveau .

  • Verwerking
    • verwerkingstemperatuur min. 5°C max. 30°C
    • kwasten / met spaan / spuiten
    • Verticale oppervlakteafdichting

      Breng volgens de regels twee lagen product aan op de voorbereide ondergrond.

      Horizontale oppervlakteafdichting

      Breng volgens de regels twee lagen product aan op de voorbereide ondergrond.

      Na droging, voor het leggen van de dekvloer twee lagen polyethyleenfolie aanbrengen.

      Rondom de randen afdichten tot de bovenzijde van de vloer respectievelijk tot aan de horizontale afdichting.

      Horizontaalafdichting in en onder wanden

      Breng volgens de regels twee lagen product aan op de voorbereide ondergrond.

      Aansluitdetails/voegen tussen de bouwdelen

      Hoek- en aansluitvoegen alsook verbindingen met opstaande bouwdelen (bijv. ramen tot aan de grond, deuren enz. ) overbruggen met het Voegenband systeem VF.

      Het materiaal als contactlaag aanbrengen, breng Tape VF volvlaks aan en werk het in zonder plooien.

      Doorvoeren

      W1-E: Doorvoeren rondom kimnaadachtig afdichten.

      W2.1-E: Integreer buisdoorvoeren in de waterdichting met een geschikte losse/vaste flens, alternatief: gebruik Remmers flens.

      Sokkelpleister

      VA1_M_219

      VA1_M_218

      Voor navolgende aan te brengen stuclagen moet een extra slurrylaag op de laatste afdichtingslaag worden aangebracht en nat-in-nat SP Prep volledig dekkend aanbrengen.

      Het overlagen met een lijmmortel of wapeningslaag kan zonder extra
      slurrylaag/aanbrandmortel na circa 4 uur worden gedaan.

      Breng bij de kim voegenband van de Tape VF-serie in het materiaal aan en rond af <20mm.

      Het materiaal als contactlaag aanbrengen, breng Tape VF volvlaks aan en werk het in zonder plooien.

      Overlagen en afwerken

      Na 4 uur kan er worden overlaagd of afgewerkt met lijmmortel, spachtel of wapeningsmortel.

      Coaten

      Rechtstreeks te coaten met een bindmiddelrijke dispersieverf.

      Steeds een proefvlak zetten!

  • Verwerkingsinstructies
    • Bij afdichtingsstoffen die vloeibaar verwerkt worden, kan de huidvorming versneld worden en/of kan er blaasvorming optreden door directe lichtinval of door aanwezigheid van wind.

      Niet bij direct zonlicht verwerken.

      Niet gebruiken op onbehandeld aluminium.

      De schraaplaag geldt niet als afdichtingslaag.

      De totale maximale natte laagdikte mag de 5 mm niet overschrijden.

      Voortijdige velvorming kan worden voorkomen door het materiaal in de mengemmer te bewegen (b.v. roeren).

      Mortel die al begint te verharden niet meer met water aanmaken of toevoegen aan verse mortel.

      De verse afdichting tegen regen, directe zoninwerking, vorst en condensvorming beschermen.

      Droge afdichting beschermen tegen mechanische schade.

      Zorg voor extra lastverdeling bij waterdichting onder stellagers.

      Bij de verwerking in gesloten ruimtes voor voldoende ventilatie zorgen (eventueel adembescherming dragen).

      Voor machinale verwerking kunt u contact opnemen met Remmers Techniek Service. Tel.: +49 5432 83 900

  • Gereedschap / Reiniging
    • met spaan / plamuurmes / spuiten
    • Geschikte mengapparatuur, roller, spaan, laagdiktespaan, troffel, kwast, blokkwast.

    • Gereedschap voordat de mortel verhardt met water schoonmaken.

      Opgedroogd materiaal kan alleen nog mechanisch worden verwijderd.

  • Opslag / Houdbaarheid
    • vorstvrij en koel opslaan/tegen vocht beschermen/verpakking goed sluiten
    • houdbaarheid 9 maand
    • Bewaren in ongeopende, originele verpakking op een koele, droge plaats en beschermd tegen vorst gedurende ten minste 9 maanden.

  • Verbruik
    • 1,1 kg / mm laagdikte / m²
    • Minstens. 1,1 kg/m²/mm droge laagdikte

      Laagdiktes en verbruikshoeveelheden bij de toepassing als scheuroverbruggende minerale afdichtingsmortel binnen- en buitentoepassing: Zie verbuikstabel met de toepassingsvoorbeelden.

    • Exacte verbruikshoeveelheid op een voldoende groot proefvlak bepalen.

  • Toepassingsvoorbeelden
    • Waterinwerkingsklassen (DIN 18533, W1-B en W2-B) en specificatie van de laagdikte volgens DIN 18531-5, waterdicht maken in verband op balkons, veranda's en galerijen.


      Droge laagdikte (mm)
      Natte laagdikte (mm)

      Verbruik (kg/m²) 


      Opbrengst 25 kg (m²)
      W1.1-E/W1.2-E* Bodemvocht en niet drukkend water
      Bodemvocht en niet drukkend water
      ≥ 2
      ca. 2,2
      ca. 2,2
      ca. 11,3

      W2.1-E** Matig effect van drukkend water (inbouwdiepte <3 m)

      Opstuwend sijpelwater en perswater
      ≥ 3
      ca. 3,3
      ca. 3,3
      ca. 7,5
      W2.1-E** Matig effect van drukkend water (inbouwdiepte <3 m)
      Afdichting bij de overgang naar WU-betonelementen
      ≥ 3
      ca. 3,3
      ca. 3,3
      ca. 7,5

      W2.2-E*** Grote impact van drukkend water (inbouwdiepte >3 m)

      ---
      ≥ 4
      ca. 4,4
      ca. 4,4
      ca. 5,6

      W3-E** niet-drukkend water op met de grond bedekt plafond

      Niet-drukkend water op met de grond bedekt plafond
      ≥ 3
      ca. 3,3
      ca. 3,3
      ca. 7,5

      W4-E Spatwater op de sokkel 

       

      Spatwater-/

      Sokkelafdichting

      ≥ 2
      ca. 2,2
      ca. 2,2
      ca. 11,3
      W4-E Capillair water in en onder muren die in contact staan met de grond
      Afdichting in en onder muren
      ≥ 2
      ca. 2,2
      ca. 2,2
      ca. 11,3
      ---
      Waterreservoirs met waterdieptes tot 8 meter
      ≥ 3
      ca. 3,3
      ca. 3,3
      ca. 7,5
      *     op metselwerk met een specifieke overeenkomst
      **   specifieke overeenkomst nodig
      ***  specifieke overeenkomst nodig / toepassing alleen toegestaan op betonondergronden tot 8 m inbouwdiepte  

      Laagdiktetoeslag volgens DIN 18533:
      De Duitse norm voorziet in een laagdiktetoeslag dz om de minimale droge laagdikte dmin te waarborgen. Hierbij is rekening gehouden met zowel de variaties dv ten gevolge van de verwerking als het extra verbruik voor het egaliseren van het substraat du. Indien de ondergrond afzonderlijk wordt geëgaliseerd (b.v. door schraaplaag), wordt du niet in de berekening opgenomen.
      du = schraaplaag Verbruik ca. 0,5 kg/m² (afhankelijk van de ondergrond)
      dv = met laagdiktetroffel niet vereist/zonder laagdiktetroffel Verbruik ca. 0,4 kg/m² (dmin = 3 mm)

  • Algemene instructies
    • Productgegevens zijn onder laboratoriumcondities bij 20°C en 65% relatieve luchtvochtigheid verkregen

      De geldende voorschriften en wet- en regelgeving moeten in acht worden genomen en eventuele afwijkingen hiervan dienen afzonderlijk te worden overeengekomen.

      H_M_39

      De afzonderlijke overeenkomsten alsmede testrapporten zijn te vinden op onze website www.remmers.com

      Steeds een proefvlak zetten!

      Afpelweerstandstests (peeltests) zijn voor de beoordeling van de geschiktheid voor gebruik van het product niet geschikt en niet toegestaan.

  • Verwijderingsinstructie
    • Grotere productresten moeten in de originele verpakking worden afgevoerd in overeenstemming met de geldende voorschriften. Volledig lege verpakkingen moeten worden gerecycled. Mag niet samen met het huishoudelijk afval afgevoerd worden. Niet in de gootsteen werpen. Niet in de riolering lozen.

  • Veiligheid / Regelgeving
    • Verdere informatie met betrekking tot de veiligheid bij transport, opslag, afval en ecologie vindt u in onze nieuwste veiligheidsinformatiebladen.